klimaatadaptieve-maatregelen-haaksbergen.png

Bij de start van KLIMAP was er nog weinig praktische ervaring met ontwikkelpaden. Onderdeel van de KLIMAP aanpak was het vertalen van de theoretische verkenning van ontwikkelpaden naar een praktische methodiek.

De methodiekontwikkeling van KLIMAP vond plaats aan de hand van een ‘routekaart’, een werkwijze voor de transitie naar een klimaatbestendige inrichting van een gebied. De routekaart is bedoeld om op een systematische manier ontwikkelpaden te ontwerpen en te implementeren, samen met de betrokkenen bij een gebied. Aan de hand van zes praktijkcases is de methodiek getest en doorontwikkeld. 

De routekaart biedt een structuur om het denken in- en werken met ontwikkelpaden in de praktijk te faciliteren. Tijdens de looptijd van KLIMAP is geëxperimenteerd met verschillende methodische veranderingen, soms op basis van de theorie en soms naar aanleiding van vragen uit de praktijkcases. Door de ervaringen en inzichten vanuit de cases is de routekaart verbeterd. De praktijk leert ook dat het 'instappunt' op de routekaart per gebied kan verschillen. Soms kan een gebied bijvoorbeeld snel starten met het schetsen van ontwikkelpaden, maar het kan ook eerst nodig zijn een gezamenlijke kennisbasis op te bouwen via het bepalen van de context van het gebied. De routekaart is hierbij flexibel toe te passen.    

De ontwikkeling van de routekaart

In het begin was de routekaart gebaseerd op de hypothese dat meer kennis van toekomstige ontwikkelingen nodig is om te komen tot het schetsen en afwegen van ontwikkelpaden richting een gewenst toekomstbeeld. Denk bijvoorbeeld aan kennis over hoe het klimaat precies verandert en wat dit betekent voor de toekomstige beschikbaarheid van grondwater en de teelt van gewassen in een bepaald gebied. Het bepalen van de context van het gebied leek daarom een logische eerste stap in het ontwikkelpadenproces. In de praktijk blijken er echter ook veel verschillen van inzicht te bestaan wat betreft de urgentie voor verandering, wenselijke toekomstbeelden en mogelijke ontwikkelrichtingen van een gebied. Het is daarom belangrijk dat betrokkenen bij het ontwerpen van ontwikkelpaden al vroeg in het proces hun belangen, waarden en (toekomst)beelden in het gebied met elkaar delen. Dit kan ook een eerste stap zijn. 

Door het belang van gezamenlijk leren en bewustwording zijn binnen de routekaart ook vormen getest van participatory modelling. Dit zijn manieren om samen met betrokkenen modellen te maken en te analyseren. Voorbeelden die zijn toegepast binnen KLIMAP zijn een serious game, de PRAATtool, causal loop modelling en system dynamics. Dergelijke werkwijzen kunnen bijdragen aan draagvlak voor verandering en de bijbehorende klimaatbestendige maatregelen. Welke vorm het beste past en op welk moment is onder meer afhankelijk van de ‘mindset’ en de behoeften van de betrokken stakeholders, de ruimte in het proces om verschillende ontwikkelperspectieven te verkennen en de tijd en middelen om meer of minder complexe methoden in te zetten. Hier (link volgt) kun je meer lezen over de methoden die binnen KLIMAP zijn toegepast.  

Ervaringen met de routekaart

In KLIMAP zijn positieve ervaringen opgedaan met het denken en werken in ontwikkelpaden. De grootste winst is dat betrokkenen zijn aangezet om na te denken over het langere termijn toekomstperspectief en de (on)houdbaarheid van bestaande maatregelen. Aangezien het noodzakelijk was om voldoende tijd te besteden aan belangen, waarden en (toekomst)beelden, hebben niet alle elementen van de routekaart binnen KLIMAP evenveel aandacht kunnen krijgen. Het afwegen van routes, het implementeren van maatregelen en het monitoren van de impact zijn in de praktijk nog beperkt toegepast. Meer informatie over de doorlopen stappen binnen de zes praktijkcases van KLIMAP vind je op deze pagina

Belangrijkste leerpunten

Binnen KLIMAP kwamen de volgende leerpunten in de praktijk naar voren met de methode van ontwikkelpaden:  

  1. Het concept van ontwikkelpaden is geschikt om na te denken over lange termijn ontwikkelingen in een gebied en deze te verbinden met handelen op de korte termijn;
  2. In de praktijk blijken betrokkenen vaak nog niet toe aan besluitvorming, omdat er geen overeenstemming is over de urgentie voor verandering in een gebied of over mogelijke routes naar de toekomst;
  3. Het is daarom belangrijk dat betrokkenen bij het ontwerpen van ontwikkelpaden al vroeg in het proces hun belangen, waarden en (toekomst)beelden in het gebied met elkaar delen.