Het werkpakket Proeftuinen richt zich op het invullen van de nog ontbrekende kennis over effectiviteit en halbaarheid van adaptatiemaatregelen. In zogenaamde lokale Living Labs worden technische, economische en sociale gegevens verzameld om inzicht te krijgen in de effectiviteit van maatregelen, verdienmodellen en gebiedsprocessen. De kennis die in de verschillende Living Labs wordt opgedaan wordt vervolgens gebundeld en toegevoegd aan de menukaart: een totaaloverzicht van de effectiviteit en toepasbaarheid van adaptatiemaatregelen in een specifiek gebied. Dit werkpakket wordt gecoƶrdineerd door Jeroen Geurts (KWR Water) en Annelies Balkema (Waterschap de Dommel).

Haaksbergen KADLiving Labs zijn gebieden waar maatregelen worden onderzocht in het veld. Binnen proeftuinen wordt er in de living labs gewerkt aan het verwerven van kennis rondom maatregelen in het gewas-, bodem- en waterdomein. De Living Labs bevinden zich op verschillende plekken (zie ook de interactieve kaart), maar komen samen in een gedeelde meetcampagne en data-analyse, en de modellering en interpretatie die daar bij komt kijken. De Living Labs bevinden zich in de projectgebieden waardoor er gewerkt kan worden vanuit de regio. Op deze manier hebben ze een centrale rol in het ontwikkelen van kennis in en voor de regio.

De vergaarde kennis uit de Living Labs wordt gebundeld in de menukaart, een specifiek product van dit project met praktische kennis en informatie over de maatregelen. Zo biedt de kaart inzicht in de bruikbaarheid voor maatregelen in scenario's op zowel de kortere als langere termijn en over de fysieke en sociale invloed van een maatregel.

Swinkels Helmond 3 2De rol van de regio is erg belangrijk binnen Living Labs. Naast het bepalen van de effectiviteit is het net zo belangrijk om te kijken naar de actoren in het gebied en de mogelijke verschillende schaalniveaus voor maatregelen. In dit proces is het belangrijk om de sociaal-economische context van de regio mee te nemen en vanuit een gezamenlijke visie voor het zoetwatersysteem te werken. Zo wordt er voortdurend gekeken naar het handelingsperspectief die maatregelen bieden aan actoren in de regio. Op deze manier kan een maatregel goed beschreven worden in de menukaart. De informatie uit deze menukjaart kan vervolgens worden gebruikt bij het onderbouwen van te bewandelen routes in het ontwikkelpaden-proces (werkpakket Toekomstverkenningen) en bij het kiezen van de voorkeursroute (werkpakket Ontwikkelpaden).